Felice Gimondi (1942-2019) en de Tour van 1965

Felice_Gimondi_-_postcard_1974_scan_1_main_image.jpg
Gimondi in 1974
Enkele dagen terug overleed oud-wielrenner Felice Gimondi.
Het is altijd weer even afwachten welke interpretatie (mythe?) er soms aan grote overwinningen van een overledene wordt gegeven. Toen bijvoorbeeld Roger Walkowiak overleed werd eeuwig gerefereerd aan zijn Tour-overwinning van 1956 die hij te danken zou hebben aan één ontsnapping. Een onjuiste voorstelling van zaken.
In een In Memoriam over Gimondi op de NOS-site stond een wat curieuze samenvattng van de Tour van 1965:
De jonge Italiaan, op het laatste moment als reserve opgeroepen door zijn ploeg, was nog onbekend bij de grote jongens en kreeg daardoor een vrijgeleide in een overgangsetappe van Roubaix naar Rouen. Dat bleek een fatale fout. Gimondi won de rit, pakte het geel en stond het leiderstricot niet meer af. Het was de definitieve nekslag voor de Fransman Raymond Poulidor (…)

Is dat wel zo? Bij het woord vrijgeleide begin ik altijd een tikje wantrouwig te kijken. Ik vroeg socioloog Benjo Maso, die bekend staat om het onderuithalen van wielermythen, om commentaar. Maso, van wie zojuist Nederland heeft weer de gele trui is verschenen, richt zijn pijlen vooral op het ‘onbekend-zijn’- verhaal:

Gimondi was zeker niet onbekend! Hij had in 1964 de Tour de l’Avenir gewonnen en was het jaar van zijn Tourwinst al derde in de Giro geworden. Geen favoriet, maar zeker niet ongevaarlijk. Het punt was alleen dat Poulidor de superfavoriet was en iedereen zijn koers op hem richtte. Het was zijn taak om Gimondi te achterhalen toen deze aanviel, maar zoals gewoonlijk was hij passief en liet hij Gimondi kon twee dagen achter elkaar tijd winnen. Zo stond hij na drie dagen al op twee minuten achterstond. Niets aan de hand -dacht hij – want op de Mont Ventoux kon hij alles rechtzetten. Hij won ook inderdaad ruim anderhalve minuut terug met gevolg dat vrijwel iedereen dacht dat hij de Tour al gewonnen had. Hij vind het daarom ook niet nodig om in de twee zware bergetappes aan te vallen. Liever volgde hij het voorbeeld van Anquetil, die zich in de bergen alleen verdedigde om daarna toe te slaan in de komende klimtijdrit. Maar helaas voor hem was het Gimondi en niet hijzelf die de etappe en de Tour won.

Het probleem van Poupou was zijn zuinigheid. Niet alleen met geld, maar ook met inspanningen. Bij een ontsnapping deed hij vrijwel altijd het minste. Dat is tegenstelling tot Anquetil, Gimondi, Janssen, etc. Omdat hij bovendien nog weinig betaalde was het geen wonder dat hij nooit veel steun kreeg bij zijn pogingen de Tour te winnen.

Aha. Het vrijgeleide klopt deels. Maar het lag ingewikkelder. Nu kan de NOS natuurlijk ook niet alles melden – maar met Maso’s toelichting is het wel een genuanceerder EN mooier verhaal.
9789045039268-1560748976.jpg

4 comments

  1. Volgens mij, ‘kenner’ van het cyclisme, zit het iets anders in elkaar. Poulidor wordt in bovenstaande verhaal neer gezet als een luie renner, en meteen vergeleken met, vooral Anquetil, Poupou moest wél zuinig rijden! De man was één van de weinigen in het toenmalige peloton die zich niet liet prepareren en daarom naturel reed. Daar heeft heeft nu zo zijn voordeel van. Op drieëntachtig jarige leeftijd is de man nog één brok gezondheid. In tegenstelling tot Anquetil waarvan het bekend was dat de injectiespuit’, gevuld met ‘drog’ nooit ver weg was: Anquetil overleed op 53-jarige leeftijd. Opmerkelijk dat Gimondi aan een harsstilstand overleed.

    • Ik zie dat er opnieuw een legende is die ontzenuwd moet worden. Het is namelijk niet waar dat Poulidor geen doping gebruikte.
      Hij is er nooit op betrapt en is ook nooit bij een of ander schandaal betrokken geweest, maar in zijn oude dagen heeft hij tijdens een interview verklaard dat hij wel degelijk amfetamine nam (hij dacht dat de camera niet meer liep). Zie daarvoor p. 161 van het boek ‘Mon Poulidor’ van Jean-Claude Lamy.
      Overigens bestaat er geen direct verband tussen ‘naturel’ in de wielercarrière en het bereiken van hoge leeftijd. Ferdi Kübler, die bij het doorzoeken van zijn kamer in 1955 wegens het Malléjac-Ventoux-schandaal, bleek over een enorme voorraad stimulerende middelen te beschikken.

      Toch werd hij 97.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s