Bibliotheek: minder boeken en steeds meer ‘ontmoetingsplaats’. Wat blijft over?

bibl1.jpg

Ik ontving onlangs een verontruste email:

‘Het bibliotheekfiliaal in mijn buurt is verbouwd, en heeft nu schat ik 1/5 van het oud aantal fictie en vrijwel geen non-fictie meer. De kranten- en tijdschriftafdeling is een soortement van leestafel in de bar van het theater, waar de OBA in zit. Ik bezoek voortaan een groter filiaal met meer boeken, maar het speelt overal. Wat is er aan de hand?

Ja, wat is er aan de hand in bibliotheekland?

Een brief uit 2019 van de Vereniging Openbare Bibliotheken (VOB) stelt:

“Ook de bibliotheken zijn getroffen door teruglopende uitleningen, krimp en bezuinigingen. Het aantal bibliotheekvestigingen loopt terug evenals de personeelsformatie (40% tussen 2004 en 2015).”

Boeken uitlenen/ter beschikking stellen is niet meer de belangrijkste functie van de bibliotheek. Dan is het ook logisch dat je ‘getroffen wordt door teruglopende uitleningen’. Directeur Arthur Schellekens van die vereniging stelt dat de bibliotheek een nieuwe ontwikkeling doormaakt:

Bibliotheken zijn één van de weinige plekken die laagdrempelig en toegankelijk zijn,én waar iedereen ook echt komt. Ook de inzet van ongeveer 13.500 vrijwilligers is typerend voor onze worteling in de samenleving. We zijn trots op deze ontwikkeling naar nieuwe maatschappelijke bibliotheken. Zoals ik het onlangs verwoordde richting de gemeenten:

“Er zijn maar weinig plekken waar je naartoe kunt om aan je eigen ontwikkeling te werken, door bijvoorbeeld te lezen, te studeren, of elkaar te ontmoeten en een kop koffie te drinken, zonder dat je in een commerciële omgeving terecht komt, waar iemand je iets wil verkopen.”

Dat is niet helemaal waar. Bibliotheken verkopen ook spullen (eten, drank, gadgets): de beleveniseconomie draait er fors; je zit er op zijn minst in een licht-commerciële omgeving, heer Schellekens. Men wil van alles van je – en dat heeft alles te maken met de nieuwe ontwikkelingen! Al is het hier nog geen VS, waar bijvoorbeeld Apple een bibliotheek mede financierde.

 

Ontmoetingsplaats; terug naar de begintijd

Steeds minder uitleningen, minder boeken, maar de bibliotheek is wel steeds meer een plek om elkaar te ontmoeten en om te werken, studeren en elkaar te ontmoeten. zijn we weer terug in de begintijd van de openbare leeszaal?

Zo ging het rond 1900:

De eerste openbare bibliotheek in Utrecht fungeerde in het begin echter voornamelijk als een ruimte om werklui van de straat te houden. Er werd koffie geschonken, er konden kranten gelezen worden en mensen speelden er een spelletje of aten er hun boterhammen. Pas rond 1908 werd er begonnen met het uitlenen van boeken en tijdschriften. De leeszaal in Dordrecht richtte zich vanaf de oprichting in 1899 al op het uitlenen van boeken en wilde vanaf het begin ‘onafhankelijk van een zuil’ zijn. Een paar jaar later, in 1907, waren er in Nederland zes openbare leeszalen en bibliotheken, die veelal op een bescheiden en primitieve manier door vrijwilligers gerund werden.

bibl2

Niet alleen wordt de bibliotheek net als vroeger steeds meer een plek om mensen van straat te houden, ook zet men steeds vaker vrijwilligers in. Net als in de begintijd.

‘De inzet van vrijwilligers wordt wel eens als verkapte bezuiniging gezien, maar we verankeren de bibliotheek zo juist heel sterk met de lokale kernen. En nog belangrijker: Je inzetten voor de bibliotheek is dankbaar en ook gewoon erg leuk,’ aldus een persbericht.

Tuurlijk… maar vrijwilligersinzet is tevens een bezuiniging.

Twee nieuwe functies: maakplaats en studyshare

1) In de Openbare Bibliotheek Amsterdam is er ook het project studyshare, een initiatief van bibliothecaris Frank Verbeek. Het betekent dat mensen zich opgeven om te studeren onder toezicht. Verbeek:

“Zoals Marli Huijer aangeeft: “We hebben discipline nodig, maar we willen het niet als gehoorzaamheid, en we willen ons ook niet altijd schuldig voelen. OBA StudyShare is een heel belangrijk initiatief om discipline op een nieuwe manier vorm te geven: we besteden het uit.”

Studyshare schijnt goed te werken – het zijn dan ook gemotiveerde jongeren die meedoen.

2) Tegenwoordig is er de maakplaats, vooral voor jongeren. Het zijn een soort werkplaatsen in de bibliotheek ‘voor beginnende makers met moderne, computergestuurde machines, zoals 3D printers en lasersnijders.’ Het doet sterk aan lessen handenarbeid denken…

Ik ben benieuwd of er toezicht is dat het niet professioneel gebruikt wordt en wat er gedaan wordt met gewonden.

Verloedering

De tijden van de strenge bibliothecaresse met bril en knotje die bij de geringste verstoring van de rust haar vinger voor de mond; de leeszaal waar alleen maar gefluisterd mogen worden, zijn voorbij. Definitief voorbij? Maar ontmoeten en studeren en werken worden wel lastig als er echt te veel herrie is. Her en der zijn klachten.

Googlend op ‘bibliotheken’ en ‘overlast’ kwam ik een schrikbarend aantal artikelen tegen, meestal over overlast en vernielingen door vooral allochtone jongeren.

In de Amersfoortse bibliotheek: ,,In groepjes van tien tot twintig man verspreiden zij zich dagelijks over de bibliotheek, waar ze via mobieltjes contact met elkaar houden. Dat gaat er heel luidruchtig aan toe. Soms worden er zelfs drugs gedeald. Daar hebben we duidelijke aanwijzingen voor. Als je er wat van zegt, krijg je een heel grote mond en ontstaat er echt een dreigende situatie. Mijn medewerkers zijn daar niet voor opgeleid. (…) Het probleem met deze jongeren is dat ze totaal geen gevoel voor autoriteit hebben. Als we iemand voor een paar maanden de toegang ontzeggen, worden we gewoon keihard in ons gezicht uitgelachen.” Vorig jaar heeft de bibliotheek ook al extra beveiliging ingehuurd. Eind december leek de situatie onder controle. Daarom is de beveiliging begin dit jaar teruggeschroefd. ,,Dat was de grootste fout die we konden maken. De situatie werd gelijk van kwaad tot erger. Op social media verschenen oproepen om weer in de bibliotheek af te spreken.’ 

Het doet denken aan de overlast in zwembaden.

Bibliotheekmedewerkers spreken er niet graag openlijk over, maar op een blog doet er toch eentje haar beklag:

“Als er naar je gefloten wordt alsof je een hondje bent, of als je een grote mond krijgt van een paar jongens van 15 die je hebt gevraagd even wat stiller te zijn en de rommel op te ruimen, dan voel je dat toch wel. Want het voelt dan zo ondankbaar. Je wilt goed doen en het mensen naar de zin maken, maar er zijn grenzen. En in bibliotheekland zijn die grenzen vaak ruim. We zijn erg coulant naar de klant en denken altijd mee. Eigenlijk zijn we te lief.”

Ik voorzie meer trainingen in omgaan met straatcultuur – waarbij de medewerkers veel moeten slikken. En op samenlevingsniveau: wat nu als je jongeren uit de bibliotheek verwijdert, gaan ze dan niet elders overlast geven? Het lost de overlast niet op. En de overlast heeft ook weer effect op de identiteit en imago van het bibliotheekwezen.

Identiteit

Functies en taken veranderen. Maar welke kant gaat het op?

  • De bibliotheek heeft steeds minder als doel  ‘informatie ter beschikking stellen voor iedereen’, maar lijkt steeds meer een soort buurthuis/café annex school. Op de achtergrond staan nog wat boeken. Ik weet uit eigen ervaring en die van bibliothecarissen dat veel jonge bezoekers die amper opmerken en indien wel, zich soms hardop afvragen: “Wat doen die boeken hier?”
  • De bibliotheek zal moeten nadenken wat ze wil – zie ook dit opiniestuk. Ze zal moeten bedenken dat totale vrijheid-blijheid niet werkt – waar blijft bijvoorbeeld het verbod op mobiel bellen in de bibliotheek als het toch gaat om ‘studeren’ en ‘rust’ en ‘ontmoetingsplek voor mensen’? Ze zal zich te weer moeten stellen tegen bepaalde barbaren onder de politici die menen dat de bibliotheek best vervangen kan worden door marktplaats. Want hoe moet bijvoorbeeld een kind met weinig geld en met ouders die niets met lezen hebben dan aan boeken komen?
  • Bibliotheken schieten soms echt alle kanten op. Famke de Vries van OB-filiaal Van der Pek (Amsterdam-Noord) vertelde in de Uitkrant lachend dat een klant dacht dat haar filiaal een meubelzaak was! En de universiteitsbibliotheek van de VU heeft momenteel ook de functie van plantenhotel. Plantjes staan er tijdens de vakantie gezellig in een boekenkast. Harm Derks, manager of library service, stelt dat de bibliotheek aan het veranderen is van “een plek voor boeken naar een plek voor mensen.”  Groen in de bibliotheek is zeker leuk en gezond. Maar wat hou je over, wat zijn de nieuwe kerntaken?

De bibliotheek – en niet alleen de openbare – staat voor een ongelooflijke taak. En misschien zelfs een onmogelijke. Ze zal mee moeten in veel andere maatschappelijke functies (ik zie al verhalen over dat bibliotheken diverser moeten worden!) tot er weinig meer over is van de aloude hoofdtaken ‘informatie ter beschikking stelling voor iedereen’ en ‘het bewaren van het collectief geheugen’.

Of ze zal zich heel erg op die taken moeten storten en het nut daarvan duidelijk maken.

Veel nadruk leggen op leesbevordering, volksopvoeding (tot kritisch nadenkende informatieconsument) en volksverheffing – iemand?

 

 

4 reacties

  1. Leuk onderwerp dat je hier naar voren brengt, Renzo.
    In de openbare bibliotheek van Eindhoven doet men ook aan ‘studyshare’.
    Daar is echter ook geluidssoverlast omdat in een ruimte, een cafe, jeugdafdeling en
    volwassenenafdeling zijn ondergebracht.

    • Hai Joke. officiele studyshare is – zie link – een echt afgesloten ruimte. Maar zelfs een studieruimte moet natuurlijk niet in het cafe zijn ondergebracht. Dat is krankzinnig!! Wie bedenkt dat ?

  2. De bibliotheek (in Vlaanderen vroeger ‘de boekerij’ genoemd), waar je ooit een boek kon uitlenen (stel je voor!), wordt nu in de beleveniseconomie ingeschakeld. Het is een zwaktebod van jewelste, een tegemoetkoming aan enerzijds de homo festivus, Nietzsches ‘laatste mens’ (de zwakkeling eigenlijk die alleen maar wil genieten en een aandachtsspanne heeft van een muis), aan de andere kant een buiging voor de nieuwe barbaren, vaak van allochtone snit…

  3. Renzo, de stand van het openbaar bibliotheekwerk in ons land anno 2019 kun je op twee manieren bekijken. Van de slechte kant: minder uitleningen dan voorheen, sluiting van vestigingen, geen overkoepelende organisatie zoals het NBLC, steeds meer inschakelen van vrijwilligers, geen echte bibliotheekopleidingen meer, inkrimping van collecties, catalogiseren van regionale publicaties in een lokale bibliotheek is niet mogelijk, voor e-boeken heb je de bibliotheekinstelling niet per sé nodig, plaatselijke bezuinigingen etcetera. Ook de traditionele boekhandel heeft het niet makkelijk met de komst van bol.com en andere internetaanbieders, sluiting van boekenzaken en met de instorting van de boekenprijzen kun je aan een antiquariaat beter helemaal niet beginnen. [Om ook iets positiefs te noemen: De Slegte is terug in Amsterdam en de eerste reacties zijn hoopvolwekkend, én er zijn nog actieve boekverkopers zoals in Heemstede, waar Arno Koek er een gesloten modewinkel bijneemt voor zijn wekelijkse presentaties van nieuwe boeken en lezingen door schrijvers. Terug naar de openbare bibliotheken: smederijen en recenter commerciële videotheken en postkantoren zijn uit het straatbeeld verdwenen. Bibliotheken hebben zich weten te handhaven, soms ook in nieuwe gebouwen – in Utrecht wordt het monumentale postkantoor aan de Neude omgevormd tot een bibliotheek van de toekomst. In navolging van winkels moet het ‘fun ‘zijn maar de bieb te gaan, belevenisbibliotheek is het toverwoord. Nochtans zonder de papieren boeken geen echte bibliotheek. Nadruk op laaggeletterdheid en leesbevorderende activiteiten is prima, zoals ook experimenten, vgl. het uitnodigen van drag queens in Nijmegen om voor te lezen aan kinderen, studyshare in Amsterdam etc. Het moet vandaag ook lekker zijn om in een bibliotheekgebouw te vertoeven en daar draagt een goede bistro – en niet slechte koffie uit een automaat – aan bij. De OBA Oosterdok geeft wat dat betreft het voorbeeld, al zijn intussen drie restaurants mijns inziens teveel van het goede. Echter met alle sociaal-culturele instellingen die ons land al rijk is, zullen boeken centraal moeten blijven om op termijn te overleven. Sinds mijn pensionering bezoek ik gemiddeld zo’n 100 bibliotheken per jaar, vaak met leuke verrassingen qua inrichting en verblijfsgenot, zoals in Dokkum, Franeker, Deventer, Mierlo, Helmond, Valkenburg (L.) om slechts een paar voorbeelden te noemen. Wat me overigens opvalt en ik ook buitengewoon betreur is dat de informatiefunctie van de o.b. goeddeels verloren is gegaan, wat niet verwonderlijk is bij gebrek aan professioneel personeel in de frontoffice en vrijwilligers die kennelijk noodgedwongen worden ingeschakeld. Ik zou daar tientallen voorbeelden van kunnen geven, maar beperk me hier en nu tot één actuele. Afgelopen zaterdag las ik dat in de OBA Oosterdok een tentoonstelling zou zijn gewijd aan de in de belangstelling staande El Pintor. Ik bel de OBA en verneem op basis van wat op de site bij exposities staat dat deze tot juni was. Toch ga ik zondag naar de OBA, informatie aan de balie leidt tot niets. Ik ga verder kijken en vind wat ik zoek vlakbij het Muizenhuis in de jeugdafdeling. Ik blij. Daarna met enkele familieleden een tochtje gemaakt met een rondvaartboot. Aan de Herengracht ontwaarde ik op het raam van een bovenverdieping met koeien van letters: ‘I LOVE BOOKS’ [love in de vorm van een hartje]. Iemand kon voor mij nog net op tijd een foto maken en mijn dag kon toen helemaal niet meer stuk. Maar dat terzijde.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s