Nederlands oudste schrijver Ferdinand Langen overleden

ferdlangen

De jeugdige Ferdinand Langen

 

“Wie is de oudste nog levende Nederlandse schrijver?”

Wanneer ik die vraag stelde, antwoordden mensen doorgaans met ‘Drs P.’of ‘Marga Minco’. Echter, die zijn van respectievelijk 1919 en 1920. Sinds het verscheiden van Leo Vroman in 2014 februari  was de oudste de tamelijk vergeten schrijver Ferdinand Langen (1918). Vandaag zie ik in de Volkskrant en op Tzum dat Langen op 20 juli j.l. overleden is, een week voor zijn 98e verjaardag. De advertentie spreekt over zijn creativiteit en relativerende humor.

Langen schreef tussen 1944 en 1963 surrealistische, novellen… ironisch proza, heette die stijl toen. Hij heette Egbertus Pannekoek, maar veranderde zijn naam -dus niet alleen schrijversnaam! – in Ferdinand Langen. Hij gaf bij De Bezige Bij uit, schreef, een tiental boeken (meestal novellen) en ook gedichten. Daarna verruilde hij het schrijversleven voor het zakenleven. Wie was deze man, die ooit bekendheid genoot in literaire kring, een belangrijk man was bij diverse literaire tijdschriften, maar al sinds 1963 geen roman meer publiceerde?

Ik heb de heer Langen wel eens gesproken. Voor mijn artikel over schrijvers in de reclame  uit 1995 bijvoorbeeld. Hij vertelde mij telefonisch kort over zijn tijd bij reclamebureau Lintas: “Weet u meneer Verwer, er moest brood op de plank komen. En zo werd ik copywriter. Mijn reclamewerk heeft me veel gebracht, en niet alleen geld.”

Over de reclamecampagnes die hij maakt, had hij niet zoveel te melden. En schrijvers als Heere Heeresma, Jan Arends en Cornelis Bastiaan Vaandrager – toch notoire lastposten, zeker toen – die ook bij Lintas hadden gewerkt? Hij herinnerde het zich niet of wilde het zich niet herinneren. Langen werkte ook nog bij Van Maanen en had  een eigen marketingbureau. Hij was al geruime tijd met pensioen.

Augustus 2014 belde ik hem weer op. Langen woonde al decennia op hetzelfde adres in Laren, had altijd hetzelfde nummer, en … Hij kende mijn naam nog van twintig jaar geleden!

Langen klonk heel krachtig. Een interview? Over schrijven? Misschien kon ik hem eerst de vragen sturen? Ik deed het, en hij reageerde met een vriendelijke, getypte ansicht. Er kwam een boek van me uit en het plan raakte op de achtergrond. Ik belde hem nog eens. Hij vertelde dat hij vrienden en kennissen van weleer als Gerard Reve, Gerrit Kouwenaar, A. Marja en Koos Schuur soms mistte. De laatste twee zijn voor mij namen uit een ver verleden, maar hij had ze gewoon goed gekend!  De oud-copywriter vertelde me ook dat hij geen computer had. Ik: “Hoe doet u dat?” De schrijver: “Ik kan u vertellen dat dat heel eenvoudig gaat. Het hoeft niet. U weet mij bijvoorbeeld te vinden.”

Ik vroeg hem ook of hij, de man, die zo stormachtig debuteerde met drie boeken in een jaar tijd, en die in 1963 zijn laatste boek publiceerde, misschien plannen had voor een nieuw boek. Hij zei: “Het zou kunnen. Ik denk er de laatste tijd wel eens aan.”

Ferdinand Langen laat twee nog levende kinderen achter, en zijn vrouw Paula. Met Paula Eisenloeffel, een zus van ex-geliefde van Lucebert, Clara Eisenloeffel, was hij sinds 1950 getrouwd.  Lucebert maakte een uniek boek voor hun trouwen.

De overlijdensadvertentie begint met een zin die denk ik wel kenmerkend is voor Langen:

“Na een lang en succesvol leven is op 20 juli 2016 overleden: Ferdinand Langen”

Succes was belangrijk in het leven van Langen. Bescheidenheid ook, en grote behoefte om in de aandacht te staan had hij niet. Misschien komt dat boek van hem nog uit, waarschijnlijker is van niet.

 


Boeken door Ferdinand Langen

Achter slot en grendel, 1944

Hélène in het heelal, 1945

De betoverde wereld, 1946

In pijama, 1946

De speelgenoten, 1946

Mijn oom Peter, 1950

Hoe maakt u het?, 1952

Samen suiker eten, 1953

Ter bescherming van de engelen, 1955

De drenkelingen, 1959

Honderd uit, 1963

 

 

 

 

 

 

 

.

Advertenties

8 gedachten over “Nederlands oudste schrijver Ferdinand Langen overleden

  1. Peter Andriesse

    Ik heb hem één keer ontmoet toen ik in de barre winter 1962/63 als enquêteur in Laren iemand zocht uit de hogere inkomensklasse. De sneeuw stond tot aan mijn enkels. Ik belde bij Ferdinand Langen aan (de naam kwam me bekend voor, wist dat hij een humoristisch schrijver was) en vroeg of hij rookte. Ik moest mensen vragen stellen over hun rookervaringen. Hij zei dat hij niet rookte. Ik: ”Ach, maakt niet uit.” En ik mocht binnen komen en hem de vragen stellen. Later kwam ik te weten dat hij bij het reclamebureau werkte dat de opdrachtgever was voor dit onderzoek naar Roxy-sigaretten. Aardige man. Ik kende hem als schrijver van verhalen in de bladen Mandril en MalleNmolen, die vlak na WO-II verschenen. De Bezige Bij gaf een selectie daaruit onder de titel ”Hard Gelag” door Simon Carmiggelt en Annie M.G. Schmidt. Er stonden ook cartoons in van o.a. Remco Campert en Lucebert. Ik heb de bundel in huis.

  2. Katelijne Brouwer

    Aardig stukje! Alleen heb ik nooit een oudtante gehad die Carla heette. Het jongste zusje Eisenloeffel heette CLARA en de familie noemde haar altijd Claartje.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s