Het schaakcafé en de vrouw.

Door Renzo Verwer

 

‘Wat raar dat je als kind van negen je al groot wilt houden voor je ouders. Je zou verwachten dat je dat misschien op je veertiende had, maar nee, hoor al veel eerder.’

Het schaakcafé kan veel losmaken in een mens. Titia Wolf, voor het eerst sinds 28 jaar weer in schaakkringen, denkt in het hoofdstedelijke café de Laurierboom onmiddellijk terug aan het schaken op haar lagere school. ‘Ik had het torendiploma niet gehaald. Ik hield me eerst groot voor mijn moeder, maar rende daarna met mijn vriendinnetje Martine naar de WC om -heel hard- te huilen.’

 Je kwetsbaarheid niet tonen, een hekel hebben aan verliezen: ze zou een echte schaker kunnen zijn, deze kleinkunstenaar. We zitten in De Laurierboom, sinds anderhalf jaar de opvolger van schaakcafé Het Gambiet. Het is zaterdagavond, net middernacht geweest. Het is 1 april geworden, maar de vrouw tegenover me -professioneel grappenmaakster -houdt zich in. Of ze heeft het niet in de gaten.

Het drukste is het in een hoek waar een stuk of tien mensen zitten te pokeren. Tekenend voor de situatie in de schaakwereld?

In een hoekje schaken een paar oudere heren van Caissa. Aan de bar zit vaste gast Piet Ruhe. Hij lijkt afwezig, maar houdt alles goed in gaten. Achter de bar staat Jeroen Verstegen, de eigenaar/bedrijfsleider. De computer is in gebruik: zoals vrijwel altijd is iemand op ICC actief.

 

oomPand

Behalve Titia,die hier is op mijn verzoek, is er nog één andere vrouw. Ze pokert mee. Ik vind haar wel sexy vanwege haar korte rokje en, ook een beetje, om de manier waarop ze naar haar kaarten kijkt. Ik realiseer me echter dat een vrouw in de schaakwereld door de schaarste al gauw sexy is. Kijk naar de grenzeloze overschatting van de schoonheid van Alexandra Kosteniuk, op straat zie je dagelijks mooiere en meer bijzondere meisjes. Soms zijn schakers wel blind, of op zijn minst slechtziend.

 

Veel vrouwen hebben schaakcafés nooit getrokken. Toen het café of koffiehuis ontstond waren ook vaak vrouwen niet welkom, of alleen in gezelschap van een heer. Een situatie die we nog steeds zien: zoveel vrouwen gaan niet op hun eentje naar een café. Het enorme succes van de koffiehuizen in de zeventiende was eraan te danken dat de mannen eindelijk eens konden praten zonder door hun vrouwen in de rede gevallente worden, zo wordt wel beweerd.

Hans Ree beschrijft het als volgt (in het voorwoord van Prettige Partij van Errit Petersma): ‘Je rookt, je zuipt, je snuift, je schaakt: het komt allemaal op hetzelfde neer. Dat zegt in dit boek een buitenstaander, een vrouw. De vrouw is een zeldzaam verschijnsel in het hier beschreven milieu.Meisjes willen niet winnen, zeggen de stamgasten van het schaakcaf.

Meisjes willen best winnen, vindt Wolf. Meisjes laten mannen winnen, want die willen niet verliezen (en zeker niet van meisjes) en meisjes willen het gezellig houden. ‘Meisjes kunnen bovendien gezellig zijn, ook al hebben ze verloren en mannen kunnen dat minder goed. Zeker als ze verloren hebben van een meisje.’

‘En ik? Ja, ik wil heel graag winnen! Ik ben de frustratie van die nederlaag bij het examen van het nooit te boven gekomen, haha. Ik ben ook nooit meer voor een herkansing gegaan, het pionnendiploma was het hoogst haalbare. Maar ik ben blijven spelen: Mahjong, Kolonisten van Catan, Carcassone, noem maar op.’

 

Aquarium

We zitten aan een tafeltje bij het raam. Mensen passeren achter de werkelijk idioot grote ramen van het café Passanten en cafébezoekers houden elkaar gevangen in hun blikken op de hoek van de Laurierstraat en de 1e Laurierdwarsstraat, typisch smalle straatjes in de Jordaan. Er rijdt een enkele auto langs, op de hoek van de straat staat een busje. Ik besef dat Martin Bril over vanavond wel zes columns zou schrijven.

 

De Laurierboom bestaat al sinds het eind van de 19e eeuw, zo valt te lezen op de website. Het is een van de oudere cafés in de Amsterdamse Jordaan. Schaken is niet altijd het belangrijkste geweest, maar altijd al werden er veel spelletjes gespeeld. Sinds december 2005, toen Het Gambiet zijn deuren sloot, is de Laurierboom nog meerde thuishaven geworden van veel schakers en andere spelletjesfanaten.

De eerste weken zaten de schakers hier wat onwennig, viel me op. Zo zat Allard hier de eerste week wat ongemakkelijk de krant te lezen aan een tafel. Nu zie ik hem zich thuis voelen aan de bar!  Ik zie deze avond werkelijk geen enkele buurtbewoner – hebben de schakers de tent overgenomen? Of komen ze op andere tijden?

Ja, verzekert Jeroen me, en hij heeft gelijk, zo constateer ook ik een paar dagen later.

 

De Laurierboom kon heel goed zonder schakers, maar schakers hebben wel een meerwaarde. ‘In het Gambiet zou ik niet gauw binnenkomen’ zegt Wolf. Een kelder in, rook, al die mannen: het was een echt schaakhol Maar hier… Het is hier gezellig.. niet zo schakerig. Ze zitten je hier als vrouw niet aan te staren, wat in sommige andere cafés wel anders is! Ik fiets hier geregeld langs onderweg naar mijn etage in Oud-West. Die enorme ramen waren me al opgevallen. En ik zie er wel eens mensen schaken. Zomaar in mijn eentje naar binnenstappen doe je niet gauw als vrouw. Nu ik het ken zou ik best een kopje koffie kunnen gaan drinken. Ik zal het maar toegeven: ik had toch een beetje een vooroordeel. Ik dacht aan introverte, morsige mannen met baarden, maar hier wordt ook gewoon gelachen. En er worden andere spelletjes gedaan. Gekletst. Er hangen hier posters van het Bimhuis, van Paradiso, Sinners: dit café staat middenin het leven. Zeg is dit wel een echt schaakcafé?

 

Ik stel haar gerust en vraag iets over haar cabaretprogramma. Wolf: ‘Dat gaat over kiezen, daar weten schakers alles van. Of niet?’

‘Ach’, zeg ik vertederd. ‘Eigenlijk wel. Zeg, zou je iets met schaken kunnen in je programma?’

‘Vast wel. Alles kan voedingsbodem zijn voor iets moois. Ergernis bijvoorbeeld. Ik denk dat je heel erg kan ergeren aan je tegenstander. Zijn blik, bewegingen, hoe hij zet.Je gedachten kunnen afdwalen, misschien wel naar vuilniszakken. En natuurlijk al die vooroordelen over schaken. En ik kan wel iets doen met vals spelen. Wat? Was er een toiletschandaal?? Haha, wat een gekte!’

 

Wolf, die eerder op de avond een zaal plat speelde, gaat weg. Ze is moe. Vastberaden verlaat ze het pand. Als ik terugkeer naar de bar, krijg ik direct vragen: wie was dat? Waarom nam je niet wat inniger afscheid?

De schakers hebben een bredere blik dan de niet-schaker vaak denkt.

 

 

Café De Laurierboom: Laurierstraat 76,  1016PV Amsterdam. Telefoon: 020 6233015, http://www.laurierboom.nl

Titia Wolf: http://www.titiawolf.nl

L.C.M.Diepstraten / Vermaarde schaakcafés en hun illustere gasten : verhalen en afbeeldingen van meer dan 100 legendarische schaakcafés. Uitgeverij Tirion, 2004

Markman Ellis / The Coffee House – A Cultural History. Weidenfeld and Nicolson, import Nilsson en Lamm. 2004

Errit Petersma / Prettige partij. Uitgeverij Podium,1998.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s