Adriaan de Groot is niet meer

Gisteren is professor Adriaan Dingeman de Groot overleden, misschien wel Nederlands beroemdste psycholoog in het buitenland. Veel informatie kan ik op internet niet vinden, zelfs geen foto, alleen Trouw had vandaag een groot stuk over hem (niet online!). De Groot was al enige jaren ernstig ziek.
Ik citeer hier uit wikipedia.


Adrianus Dingeman (Adriaan) de Groot
(Santpoort, 26 oktober 1914Schiermonnikoog, 14 augustus 2006) was een Nederlands psycholoog die onder andere bijdragen heeft geleverd op het gebied van psychologie, didactiek, methodologie en schaakonderzoek.

De Groot wordt geboren als jongste zoon van huisarts Dr. A. de Groot. Hij begint op jonge leeftijd met schaken, wordt in 1933-34 kampioen van de plaatselijke schaakvereniging en in 1934 van Amsterdam. Reeds voor de oorlog klimt hij op tot de schaak toptien van Nederland. Hij studeert eerst wiskunde en daarna psychologie aan de Universiteit van Amsterdam. In 1941 doet hij zijn doctoraalexamen (cum laude) en in 1946 promoveert hij met het proefschrift Het denken van den schaker. Een Engels vertaling verschijnt in 1965 onder de titel “thought and choice in chess”.

Na een loopbaan, vanaf 1941, als wiskundeleraar bij het middelbaar onderwijs, als medewerker van een psychologisch instituut en als bedrijfs-psycholoog bij Philips, werd hij in 1948 benoemd als lector.In 1950 volgt zijnn aanstelling als hoogleraar in de toegepaste psychologie met de oratie Het object van de psychodiagnostiek. In 1959-60 verblijft De Groot een jaar als Fellow aan het Institute for Advanced Study in the Behavioral Sciences van de Stanford-universiteit, Californie, alwaar hij zijn hoofdwerk Methodologie (Den Haag, 1961) afrondt. Onder z’n leiding komen tussen 1954 en 1978 een dertigtal dissertaties tot stand. In 1979 neemt hij afscheid als hoogleraar in de methodologie van de gedragswetenschappen aan de Universiteit van Amsterdam. Nadien is hij nog enige tijd actief als buitengewoon hoogleraar aan de Rijksuniversiteit Groningen.

De Groot schrijft een dertigtal boeken en honderden artikelen. Een volledige lijst van publicaties van 1935 tot 1978 is te vinden in het boek ‘Rede als richtsnoer’ uit 1979:

  • Het denken van den schaker : argumenten voor een nieuwe traditie, Noord-Hollandsch Uitgevers Mij., 1946

Een foto kon ik dus niet vinden, maar wel hier een stelling die De Groot gebruikte bij zijn experimenten:


A position A.D. de Groot used for his problem solving experiments. What would you play as White?

Kunnen de (sterke) schakers die deze site bezoeken een suggestie doen? Ik denk (ff snel) aan Pe4 maar zal wel de volgorde omdraaien of zo.

 

Advertenties

13 gedachten over “Adriaan de Groot is niet meer

  1. Dennis

    Ik heb die stelling ook ooit geprobeerd. Het grappige is dat het helemaal niet een “wit speelt en wint” opgave is. Er is gewoon een zet die (positioneel, als ik me goed kan herinneren) beter is dan de alternatieven. En het is geen Pe4! 🙂
    Trouwens opvallend dat er geen foto van zo’n beroemd iemand te vinden is op internet…

  2. Renzo

    ja het gaat om het strategisch plan, dat had ik ook nog begrepen. En? Wat moet dat plan zijn? Zelf zou ik iets met Pe4 proberen; en ik gok dat manuel bosboom tc1 – e1 -e3 – h3 zou doen….

  3. Dennis

    Zie zijn proefschrift. Het was iets x d5, en ik geloof Lxd5. Maar de ins en outs weet ik niet meer. Wordt in “het denken van den schaker” (of: thought and choice in chess) haarfijn uitgelegd.

  4. Joris van Vuure

    Het interview van Krabbxc3xa9 met de Groot uit 1975 blijft geweldig. Schakers zijn toch al niet doorsnee, maar een psycholoog die daar dan uitspraken over doet is natuurlijk geweldig. Zeker als deze man naast hoogleraar psychologie ook nog eens een zeer sterke (gestopte) schaker is.

  5. Sjoert

    Twintig jaar geleden, toen ik een jaar of 15 was, ging ik een keer met mijn ouders naar Schiermonnikoog op vakantie. Omdat het de hele vakantie vooral regende en ik me verveelde ging ik naar een schaaksimultaan in hotel van der Werf, gegeven door ene A.D. de Groot, waar ik natuurlijk nog nooit van gehoord had. Ik had ook de onvoorstelbaar naieve gedachte dat iemand die tegen zoveel verschillende mensen tegelijk moest schaken nooit zou kunnen winnen van mij :-))
    Maar binnen 6 zetten was al duidelijk dat ik het heel moeilijk zou gaan krijgen. Het laatste wat ik me ervan herinner is dat aan het einde, toen er nog maar een paar partijen bezig waren en ik al enkele stukken achter stond, ik me er niet toe kon zetten om op te geven. Hij was me niet aan het mat zetten maar aan het kaalplukken, bijna elke zet ging er wel een stuk verloren. Nadat hij het zoveelste stuk had geslagen en zag dat ik toch een nieuwe zet ging doen ipv op te geven, mompelde hij: “Hmm, doorgaan heh?”
    Hij ging er nog eens even goed voor staan en zuchtte, probeerde waarschijnlijk een beslissende mataanval te bedenken, maar dat was niet meer nodig. Ik was overtuigd. De volgende zet legde ik mijn koning neer en schudde hem de hand.

  6. Hugo

    De fameuze stelling hierboven heb ik jaren geleden ook gezien en heeft mij lang gefascineerd.
    Het moet ook zowat de eerste schaaktest geweest zijn (nu zijn er tal van boeken waar je over een stelling kan nadenken en dan volgens je oplossing een score krijgt).
    Deze stelling bleek in zijn onderzoek erg interessant te zijn omdat ze sterk uiteenlopende antwoorden opleverde tussen grootmeesters, meesters en kleiner grut.
    De “beste” oplossing is hier inderdaad La2xd5.
    Deze werd gevonden door 4 van de 5 grootmeesters terwijl de vijfde Pe5xc6 voorstelde, nog altijd een beetje voordelig voor wit.
    Twee varianten vanuit deze stelling met 1. Lxd5 zijn :
    A) Lxd5 Lxd5 2.Lxf6 Lxf6 3.Pd7 Dxd4 4.Dxd4 Lxd4 5.Pxf8 Kxf8 6.Pxd5 Txc1 7.Txc1 exd5 8.b4
    B) Lxd5 exd5 2.Df3 Dd8 3.Tce1 Pe4 4.Lxe7 Dxe7 5.Pxc6 bxc6 6.Pxe4 dxe4 7.Txe4

  7. Maaike Rotteveel

    Prof.dr. AD de Groot wordt nog steeds geciteerde en gebruikt in allerlei werk. Zo laatstelijk tijdens de inauguratie van prof.dr. F. Paas, afgelopen vrijdag. Ik denk dat weinigen beseffen wat deze man heeft betekent op het gebied van kennis over expertise ontwikkeling. Dus er is nog steeds zeer veel belangstelling voor zijn proefschrift uit 1946, het geldt als basis en inspiratie voor veel ander onderzoek.

  8. E.M.Buter

    Ik heb heel goede herinneringen aam AD De Groot. Hij was een charmante man, met weinig pretenties, maar altijd scherp en alert. Ooit heb ik hem achter in mijn bestelbus naar een station gebracht, en gelachen dat we hebben.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s